Optimaliseer uw bezoldiging als bedrijfsleider!

Een besparing aan vennootschapsbelasting levert u niets op indien u vervolgens afrekent in de personenbelasting (én sociale bijdragen). Kies voor het juiste evenwicht door een gezonde en geoptimaliseerde aanpak.

In een ander artikel wordt de nieuwe minimumbezoldigingstheorie toegelicht in het kader van de nieuwe vennootschapsbelasting. Is het in uw geval interessant(er) om uw bezoldiging op te trekken of alles te behouden zoals het is? Daarnaast dient er mogelijks aandacht te worden besteed aan het periodieke karakter van uw bezoldiging. Wenst u gebruik te maken van optimalisatietechnieken in functie van een IPT (al dan niet met backservice), dan is de periodiciteit van uw inkomen een must. Zijn er misschien alternatieve vormen van verloning interessant voor u? (bv. onkostenvergoedingen, maaltijdcheques, enz.)

Het tarief van de personenbelasting is progressief en kent de volgende schalen (aanslagjaar 2019):

Inkomensgrenzen Tarief
0,00 - 12.990,00 EUR 25,00%
12.990,00 - 22.290,00 EUR 40,00%
22.290,00 - 39.660,00 EUR 45,00%
39.660,00 - ... EUR 50,00%

Het tarief van de sociale bijdragen bedraagt 20,50%.

Voorbeeld: is het nuttig om uw bezoldiging als bedrijfsleider op te trekken in functie van het verlaagd tarief vennootschapsbelasting? (aanslagjaar 2020)

Stel: uw huidige bruto bezoldiging bedraagt 36.000 EUR en de winst (vóór belasting en vóór aftrek van de bezoldiging) bedraagt 100.000 EUR. Als u ervoor opteert om de bezoldiging met 9.000 EUR te verhogen, betaalt u 7.575,43 EUR minder vennootschapsbelasting en geen afzonderlijke heffing (459 EUR). Op het stuk aan extra bezoldiging bent u weliswaar sociale bijdragen (1.492,81 EUR) en personenbelasting (3.506,27 EUR) verschuldigd. In totaliteit betaalt u dus minder belastingen. Indien u bovendien ervoor zorgt dat de bezoldiging periodiek wordt uitgekeerd, verhoogt u de berekeningsbasis voor uw aanvullende pensioentoezegging (80%-regel voor IPT).